Logo Vlaamse Overheid en Ruimtelijke Ordening

Nieuws

22.03.2017
Artikel 10 van nieuw Handelsvestigingsdecreet in werking op 1 mei 2017

Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2017 houdende regeling van het openbaar onderzoek over stedenbouwkundige verordeningen voorziet niet enkel in een regeling van het openbaar onderzoek over stedenbouwkundige verordeningen, maar laat ook artikel 10, §1 van het nieuwe Handelsvestigingsdecreet (Decreet betreffende het Integraal Handelsvestigingsbeleid) in werking treden op 1 mei 2017.

Artikel 10, §1 van het Handelsvestigingsdecreet luidt als volgt:

'Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen, vermeld in artikel 4, kunnen gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen en gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen:

1° kernwinkelgebieden en winkelarme gebieden afbakenen;

2° normen bevatten betreffende de oppervlakte van categorieën van kleinhandelsactiviteiten, vermeld in artikel 3;

3° deze normen differentiëren al naargelang het bestaande, dan wel nieuwe kleinhandelsbedrijven en handelsgehelen betreft;

4° de termijnen vanaf wanneer de omgevingsvergunningsplicht voor kleinhandelsactiviteiten geldt, vastgelegd bij artikel 11, eerste lid, 2°, verkorten tot:

a) 1,30, 60, 90, 120 of 150 dagen per jaar in geval de handelsactiviteiten verenigbaar zijn met de geldende stedenbouwkundige voorschriften;

b) 1, 30 of 60 dagen per jaar in alle andere gevallen. 

Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen, vermeld in artikel 4, kunnen provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen en provinciale stedenbouwkundige verordeningen:

1° winkelarme gebieden afbakenen met een gemeentegrensoverschrijdende impact, in overleg met de betrokken gemeenten, en op vraag van minstens een betrokken gemeente;

2° normen bevatten betreffende de oppervlakte van categorieën van kleinhandelsactiviteiten, vermeld in artikel 3;

3° deze normen differentiëren al naargelang het bestaande, dan wel nieuwe kleinhandelsbedrijven en handelsgehelen betreft.

De normen, vermeld in het eerste en tweede lid, kunnen:

1° geen beperkingen stellen aan geldende socio-economische verguningen en geldende omgevingsvergunningen voor kleinhandelsactiviteiten;

2° geen niet aan de vergunningsplicht onderworpen uitbreidingen van bestaande en vergunde handelsvestigingen verbieden.'