Logo Vlaamse Overheid en Ruimtelijke Ordening

Projectvergaderingen

Initiatiefnemers van grote bouw- of verkavelingsprojecten kunnen, eens een realistische projectstudie voorhanden is, verzoeken om een projectvergadering met de vergunningverlenende overheid en de adviesverlenende instanties. De projectvergadering beoogt de procedurele afstemming tussen de betrokken organen en instanties en de bespreking van de eventueel nodig of nuttig geachte projectbijsturingen.

In het geval het project zal leiden tot een aanvraag voor zowel een stedenbouwkundige vergunning als een milieuvergunning, dan worden bij de projectvergadering tevens volgende instanties betrokken:

  1. het bestuursorgaan dat bevoegd is voor het verlenen van de milieuvergunning; 
  2. de in het kader van de milieuvergunningsaanvraag adviesverlenende instanties.

Een projectvergadering kan worden gevraagd voor bouw- of verkavelingsprojecten, die aan één van volgende voorwaarden voldoen: 

  • de aanvraag is onderworpen aan de criteria van sociale woonaanbod last of bescheiden woonaanbod last, zoals vermeld in artikel 4.1.8, eerste lid of artikel 4.2.1, eerste lid, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid; 
  • het project is MER-plichtig of geniet van een MER-ontheffing; 
  • de op te richten constructies hebben een totaal volume van meer dan 2000 kubieke meter, een totale vloeroppervlakte van meer dan 500 vierkante meter of een totale lengte van meer dan 200 meter;
  • over de aanvraag moeten minstens twee externe adviezen ingewonnen worden (bijvoorbeeld van het agentschap Wegen en Verkeer en van het Agentschap voor Natuur en Bos).

 

Het verzoek tot organisatie van een projectvergadering kan niet worden geweigerd als uw project aan de voorwaarden voldoet.

Hoe aanvragen?

Bij een aanvraag voor een projectvergadering wordt een realistische projectstudie gevoegd.

De projectstudie omvat ten minste:

  • 1° administratieve gegevens betreffende de initiatiefnemers;
  • 2° de doelstellingen van het project;
  • 3° een omschrijving van de ligging en de staat van de gronden waarop het project betrekking heeft;
  • 4° een omschrijving van de ruimtelijke, structurele en financiële uitwerking van het project, met opgave van mogelijke varianten;
  • 5° een omschrijving van de meerwaarden die het project creëert op sociaal, economisch, ruimtelijk of milieuvlak;
  • 6° het tijdskader voor de uitvoering van het project;
  • 7° een overzicht van de voor het project aan te vragen administratieve vergunningen, machtigingen en goedkeuringen.

De projectstudie moet alleszins een toetsing mogelijk maken aan de goede ruimtelijke ordening.

Waar aanvragen?

Reguliere procedure:
Als over de latere stedenbouwkundige vergunningsaanvraag zal beslist worden door het schepencollege, dan vraagt u de projectvergadering ook bij het schepencollege aan. Dit gebeurt bij beveiligde zending (aangetekende zending of afgifte op de gemeente tegen ontvangstbewijs). Sommige gemeenten kunnen ook digitale aanvragen aanvaarden.

U bezorgt de aanvraag in tweevoud. De overheid kan bijkomende exemplaren eisen, om adviezen in te winnen.

Bijzondere procedure voor handelingen van algemeen belang of voor aanvragen ingediend door publiekrechtelijke rechtspersonen:

Het onderscheid tussen reguliere en bijzondere procedure wordt uiteengezet in artikel 4.7.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

  • aanvraag indienen bij de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar van Ruimte Vlaanderen in de provincie.

U bezorgt de aanvraag in tweevoud. De overheid kan bijkomende exemplaren eisen, om adviezen in te winnen.

U kunt een projectaanvraag 'bijzondere procedure' ook aanvragen per mail. Stuur de mail met bijlagen naar projectvergadering@rwo.vlaanderen.be.

  • Gebruik in het onderwerp van de mail één van volgende woorden:
    • Provinciegrensoverschrijdend 
    • Antwerpen
    • Limburg
    • Oost-Vlaanderen
    • Vlaams-Brabant
    • West-Vlaanderen
  • Voeg de aanvraagdocumenten als bijlage toe
    • in PDF-formaat.
    • virusvrij, kopieerbaar, openbaar en leesbaar.
    • De resolutie voor de bestanden moet toelaten dat afdrukken op het overeenkomstige papierformaat voldoende scherp zijn.
    • Telkens wanneer dit besluit of zijn bijlagen een handtekening vereisen, moet het betrokken document ofwel een gewone handtekening omvatten en ingescand worden, ofwel een elektronische handtekening omvatten.